De  vierde bestuursperiode van het duo Tobback-Devlies  verloopt  niet  vlekkeloos, het is zelfs een haperende start. De gezondheid van de stadsfinanciën zal moeten worden beoordeeld op basis van de nieuwe decretale verplichtingen in het kader van een voor de gemeenten nieuw uitgewerkte beleid- en beheerscyclus (BBC). Blijkbaar heeft de ‘nieuwe’ bestuursploeg  dit  instrument  nog niet goed in de vingers.

Geen ruimte meer om  te investeren.

Het is de gewoonte dat de bestuursmeerderheid bij het begin van de legislatuur een beleidsnota samenstelt waarin men zijn intenties  kenbaar maakt.

Blijkbaar wil men ons nu extra verwennen. Eerst presenteerde men een korte intentieverklaring (8 bladzijden)  waarin men stelde dat de gevolgen van de financiële en economische  crisis ook niet aan onze stad  zullen voorbijgaan. Maar toch serveerde men ons nog  een aantal ‘lekkere’ investeringen: o.a. een megalomane  podiumkunstenzaal die als multifunctineel centrum de ziekenhuissite in de Brusselsestraat  nieuw leven zou moeten inblazen.

Begin april verblijdt men ons  met een nieuw document, een bijzonder lijvige ‘Bestuursnota stad Leuven 2013-2018’  die uitblinkt in wolligheid, ronkende verklaringen, maar niet dadelijk getuigt van veel cohesie, laat staan van een duidelijke visie of van het maken van keuzes. De podiumkunstenzaal met veel heisa aangekondigd, sneuvelt en het blijkt dat er bijzonder weinig ruimte is voor nieuwe investeringen.

Ongeveer tegelijkertijd (9 april) luiden de schepenen van financiën van de dertien Vlaamse centrumsteden de noodklok over de stadsfinanciën.  Door tal van externe oorzaken dreigt men diep in  de rode cijfers te belanden. Als de steden de komende jaren hun dienstverlening, investeringen en belastingen op het huidige niveau willen houden, zullen ook de Vlaamse en federale overheid hun deel van hun verantwoordelijkheid moeten opnemen, argumenteert men.

Steeds de schuld van anderen.

Dit klinkt onze burgemeester als muziek in de oren. Dat zijn partij in de Vlaamse regering zetelt, weerhoudt hem er niet  van om deze regering met een aantal boude uitspraken flink de mantel uit te vegen. Zo kennen we hem!

Hans Bracquene die achtien jaar lang, met verve, het financiëel beleid van deze coalitie heeft gehekeld reageert  gevat :

“Verrast kunnen we niet zijn over dat geblaas van Tobback. Het is nu al na elke gemeenteraadsverkiezing hetzelfde verhaal en het zijn steeds de anderen…

Enkele opmerkingen om op de eigen verantwoordelijkheid van SPA en CD&V te wijzen:

  • Deze meerderheid deed niets aan reserveringen voor de komende pensioenlasten van het personeel. Andere steden deden dat wel, ook de SPA-burgemeesters. De officiële reden was dat “anderen daar wel zouden voor zorgen”. Dat zal Leuven zuur opbreken.
  • Daarenboven is er een zeer ruim aanwervingsbeleid gevoerd, misschien niet zo zeer in de aantallen maar wel in de functies. Dat op zich zal een zware bijkomende last betekenen.Overigens twee punten waar Ridouani bevoegd voor was maar niet bepaald uitblonk in ijver.
  • Ik durf aan te nemen dat mijn standpunt over investeringen en schuldopbouw voldoende gekend is, met de fietsstalling (Foch) als tragisch dieptepunt.
  • Leuven heeft lustig meegedaan aan de opbouw van de globale bankenzeepbel zodat bv. de Leuvense riolen nu eigendom zijn van DEXIA Nederland en de inkomsten uit de recuperatie van BTW op de investeringen in de riolen voor decennia naar DEXIA gaan. Wij waren niet beter dan de anderen toen het ging om geldcreatie.

Persoonlijk denk ik dat er binnen de werking van de administratie niet al te veel efficiëntiewinsten kunnen behaald worden. Het kan zeker beter maar de grote financiële problemen kennen daar volgens mij niet hun oorsprong.De meerderheid heeft dus jaren gedaan alsof de bomen in de hemel zouden groeien maar zo is het niet natuurlijk.” Besluit Hans.

Vet van de soep!

Alles wijst erop dat deze vierde bestuursperiode er wel  eens eentje teveel zou kunnen zijn  voor deze meerderheid. Nu het vet van de soep is en men  in het verleden  niet steeds de tering naar de nering heeft gezet  lijkt de tijd van de prestigieuze investeringen definitief voorbij. Deze meerderheid is nooit  vies geweest van een bepaalde blingbling of grootspraak.  Als er veel geld voorhanden  is lijkt  besturen gemakkelijk, in tijden van crisis volgt pas de grote  uitdaging.

Hebben jullie  ook gezien hoe lamentabel  er sommige straten en stoepen  bijliggen. Over kerntaken van een gemeente gesproken.