Een moeilijke financiële toestand

Dat de steden en gemeenten in Vlaanderen geconfronteerd worden met een heel moeilijke financiële toestand is al lang geen geheim meer. Het steeds verder uit elkaar lopen van almaar stijgende kosten (o.m. door de ambtenarenpensioenen, bijkomende taken en noodzakelijke investeringen in zorg en opvang) en teruglopende inkomsten (de belastinginkomsten vallen in vele gemeenten terug ten gevolge van de financieel-economische crisis, de dividenden uit de Gemeentelijke Holding, Electrabel e.d. zijn opgedroogd) wordt problematisch.

Eerder al kwamen Kortrijk, Sint-Niklaas, Aalst, Gent, Roeselare en anderen in het nieuws met aangekondigde besparingsmaatregelen en afvloeiingen van personeel. Gisteren maakte ook stad Antwerpen bekend dat er stevig zal bespaard worden. Het personeelsbestand vermindert met 7 procent. Tegen 2019 moet Antwerpen het met 1.420 voltijdse personeelsleden minder doen, louter op basis van natuurlijke afvloeiing. De werkingsbudgetten worden bevroren. En vanaf 2016, als de reorganisatie operationeel wordt, moet de administratie minstens twee procent goedkoper draaien.

Wat met Leuven?

In Leuven echter komt het woord besparen voorlopig niet voor in de retoriek van het college. Wat zijn de recepten die Leuven voorstelt? Alle heil dient hier blijkbaar te komen van een andere overheid of de belastingbetaler. De Vlaamse Overheid moet een deel van de Leuvense pensioenlasten overnemen. Zo niet worden, bij monde van de burgemeester, de investeringen teruggeschroefd of de belastingen verhoogd.

In de eerste plaats kan de vraag gesteld worden of het realistisch is dat de Vlaamse Overheid, die eveneens stevig moet bezuinigen, met het langverwachte manna op de proppen zal kunnen komen.

In de tweede plaats vraagt Open Vld Leuven dat het stadsbestuur van Leuven eens eerst voor eigen deur veegt en de eigen werking kritisch onder de loupe neemt, alvorens de kosten af te wentelen op een andere overheid of op de belastingbetaler (wat eigenlijk op hetzelfde neerkomt).

Slim bezuinigen door gepensioneerden slechts selectief te vervangen

Alle overheden in België kennen op dit moment een grote vergrijzing. De groepen 50-plussers zijn zeer goed vertegenwoordigd bij de ambtenaren van federale en Vlaamse overheid en de gemeenten. Dit betekent dat grote groepen ambtenaren binnenkort op pensioen zullen gaan. De federale overheid maakt hiervan gebruik om te besparen op haar personeelskosten en vervangt slechts 2 op de 3 ambtenaren die op pensioen gaan.

Open Vld Leuven stelt voor dat stad en OCMW Leuven ook slechts 2 op de 3 gepensioneerde ambtenaren zouden vervangen. Op dit moment is 1/3e van de ambtenaren van stad Leuven (34%) een 50-plusser. 18% van de ambtenaren is 55-plusser. Dit betekent dat binnen de 5 jaar 211 personeelsleden op pensioen gaan. Binnen 10 jaar zijn er in totaal een kleine 400 gepensioneerden op het totaal van 1.160 personeelsleden!

Gemeenteraadslid Sabine Bovend’aerde: “Iedereen weet dat de stad zal moeten besparen. Wij willen dat niet doen door de belastingen te verhogen of de dienstverlening aan de Leuvenaars af te bouwen. We willen ook niet dat er mensen, zoals in Borgloon of Roeselare, worden ontslagen maar wel de vergrijzing gebruiken om te besparen. Het gaat dus over natuurlijke afvloeiingen. Wanneer de stad zou kiezen voor niet-vervanging van 1 op de 3 gepensioneerden betekent dit op 5 jaar tijd een besparing van 4 miljoen euro en op 10 jaar tijd een besparing van meer dan 8 miljoen euro.

Inzetten op meer samenwerking, digitalisering en een kerntakendebat

Betekent dit dat de dienstverlening van de stad er op zal achteruitgaan? Absoluut niet. Leuven +/ Open Vld wijst op de efficiëntiewinsten die er te behalen zijn door stad en OCMW eindelijk te laten samenwerken.

OCMW-raadslid Luc Ponsaerts :

“De samenwerking tussen stad en OCMW in Leuven is op dit moment amper uitgebouwd. Het zijn precies 2 organisaties die met elkaar niks te maken hebben. Dit is een absoluut gemiste kans! In budgettair krappe tijden kost het handenvol geld om 2 aparte personeelsdiensten te hebben, 2 aparte financiële diensten, 2 ICT-diensten, 2 groendiensten, 2 keer een volledig wagenpark, 2 keer een machinepark,…
Er is geen enkele reden waarom Leuven niet zou overgaan tot de integratie (eenmaking) van alle ondersteunende diensten van stad en OCMW. Dit werkt kostenbesparend, verhoogt de efficiëntie en is dé beste impuls tot nadere samenwerking tussen stad en OCMW. Verschillende steden hebben reeds vergaande stappen gezet in de integratie van stads- en OCMW-diensten. Het is jammer dat Leuven op dit vlak achter blijft.”

Ook in de informatisering en digitalisering van de dienstverlening kan Leuven nog verdere stappen zetten naar het voorbeeld van steden zoals Mechelen. Daar werd het e-loket zodanig uitgebouwd dat voor een heel aantal attesten inwoners niet meer naar het stadhuis moeten komen. Ook deze maatregel kan zorgen voor een verminderde nood aan bezetting in het stadskantoor.

Tot slot pleit Bovend’aerde ervoor om een ernstig kerntakendebat op te starten. Een kerntakendebat moet er voor zorgen dat de focus opnieuw komt te liggen op de echte kerntaken van de gemeente en andere taken kunnen afgestoten worden of overgenomen door andere partners.